IASB cursus

IASB

Afkorting voor International Accounting Standards Board. Dit is een onafhankelijk & privaat orgaan die financiële verslaggevingregels opstelt. De IASB heeft als doel te komen tot eenvoudige regels die wereldwijd toepasbaar zijn.

IASB Cursus

International Accounting Standards Board
De International Accounting Standards Board (IASB) is een onafhankelijk internationaal orgaan belast met het opzetten van standaarden voor jaarverslagen en jaarrekeningen. De IASB is in Londen gevestigd en is de opvolger van de Board van het International Accounting Standards Committee (IASC). Het IASC heeft bestaan van 1973 tot 2001.
Inhoud
• 1 Structuur
• 2 Ontstaan
• 3 Commissies
o 3.1 International Financial Reporting Interpretations Committee (IFRIC)
o 3.2 Standards Advisory Council
Structuur
In 2001 is de huidige structuur opgezet. Er is een overkoepelende stichting opgezet, gevestigd in Delaware (V.S.), die er voor moet zorgen dat de IASB onafhankelijk zijn werk kan doen. De Trustees (stichtingsbestuur) van de IASC Foundation benoemen de leden van de IASB en van de twee belangrijkste adviserende commissies: de Standards Advisory Council en de International Financial Reporting Interpretations Committee (IFRIC). De trustees zijn ook  verantwoordelijk voor het beheer van de stichting en het zorgdragen voor de middelen.
De originele trustees waren de 19 leden van het IASC–bestuur. Bij vertrek van een van de leden wordt de plek opgevuld door coöptatie. Er zijn wel een aantal randvoorwaarden geformuleerd, bijvoorbeeld dat nieuwe leden op voordracht van de International Federation of Accountants (IFAC) benoemd worden en dat een vaste geografische verdeelsleutel gehanteerd wordt. 


Ontstaan
De IASB is ontstaan uit de IASC.Belangrijkste beweegreden voor het opzetten van deze vorm,  was het garanderen van de onafhankelijkheid van de IASB. De IASB is verantwoordelijk voor het opzetten en beheren van de internationale standaarden voor financiële verslaglegging: IAS (International Accounting Standards) en IFRS (International Financial Reporting Standards).
De IASB is samengesteld op basis van capaciteit: de 14 leden van de IASB zijn experts op het gebied van de financiële verslaglegging. En niet alleen van de accountantsfirma’s , maar ook van de kant van bedrijven die de jaarverslagen moeten maken en van bijvoorbeeld de overheden die de jaarverslagen gebruiken. IASB-leden worden benoemd voor een periode van 5 jaar (met mogelijk één verlenging van de termijn) en zijn betaalde krachten die zich full-time met de IASB-taken bezig houden.


Commissies
International Financial Reporting Interpretations Committee (IFRIC)
Doel van deze commissie is om de IASB te adviseren. De IFRIC brengt die adviezen uit d.m.v. rapporten waarin aangegeven is hoe met de IAS-standaarden moet worden omgegaan en hoe bepaalde zaken geïnterpreteerd moeten worden.  Daarnaast moet de IFRIC een actieve rol spelen in het uniformeren van de internationale standaarden met nationale standaarden en eisen. De IFRIC publiceert haar bevindingen en voordat ze definitief worden is er altijd nog ruimte voor commentaar.


Standards Advisory Council
De naam zegt het al, de Standards Advisory Council (SAC) is een commissie die de IASB adviseert omtrent de standaarden. De SAC is zeer divers samengesteld. Allerlei geledingen die belang hebben bij de inhoud van de financiële verslaglegging kunnen hierin deelnemen. Het is het discussieplatform waar de meningen gevormd worden die uiteindelijk tot standaarden moeten leiden.


International Financial Reporting Standards
IFRS, de International Financial Reporting Standards is een set van afspraken over hoe bedrijven hun jaarverslag moeten presenteren.
IFRS omvat de oudere IAS (International Accounting Standards). De oudere IAS-standaarden zijn niet komen te vervallen maar zijn uitgebreid en verder uitgewerkt. Daarnaast zijn een aantal IFRS-normen toegevoegd om te komen tot de standaard.
Basis voor IFRS is het rapporteren op basis van "Fair Value" (reële waarde), wat zo veel inhoudt als dat er gerapporteerd moet worden op basis van de actuele waarden. Om een voorbeeld te nemen, aandelen in het bezit van een bedrijf konden onder de oude verslagleggingsregels geboekt worden tegen de aankoopwaarde. De aankoopwaarde kan totaal verschillen van de huidige marktwaarde. Boeken op basis van de reële waarde moet een beter beeld geven van de actuele waarde van de bezittingen op de balans. Dat kan dan resulteren in een andere winst dan voorheen, zonder dat er in het reële resultaat van het bedrijf, in de dagelijkse werking en dagelijkse financiering een serieus verschil is. De markt, de hoogte van de beurs krijgt meer invloed op de winst- en verliescijfers van een bedrijf.
Gevolg van deze wijziging is wel dat veel bedrijven (met name de verzekeraars en de banken) hun bezittingen gaan "hedgen", om de waarde ervan enigszins te stabiliseren, om te voorkomen dat er enorme schommelingen kunnen ontstaan in de waarde van het bedrijf en dus ook in de waarde van een aandeel op de beurs.
Verantwoordelijk voor het opstellen van de standaard is de IASB, de International Accounting Standards Board, de opvolger van de IASC (International Accounting Standards Committee die in 1973 opgericht werd en de IAS-standaarden vastgelegd heeft.
De Europese Commissie heeft in een verordening vastgelegd dat alle beursgenoteerde bedrijven vanaf 1 januari 2005 hun jaarverslag in de IFRS-vorm moeten presenteren. Dat houdt dus voor alle bedrijven uit EU-landen in dat zij per 1-1-'05 om moeten schakelen van rapporteren volgens GAAP (Generally Accepted Accounting Principles) (= de Nederlandse standaard in Nederland, de Belgische standaard in België), naar rapporteren volgens IFRS. Kern van de verandering is, dat het minder gaat over de hoogte en meer over de kwaliteit van de winst. Ook uniformiteit binnen Europa omwille van de vergelijkbaarheid van ondernemingen was een argument voor invoering. De nationale wetgeving prevaleert echter nog steeds. Er is daarom dan ook in het Nederlandse BW2, Titel 9, een bepaling opgenomen dat bedrijven hun jaarrekening volgens IFRS mogen inrichten.
IFRS is nog steeds geen afgerond verhaal. Nog steeds wordt er gediscussieerd over hoe de standaarden geïnterpreteerd moeten worden. Met name de implementatie van de IAS 32- en de IAS 39-normen leveren veel discussie op. De vraag die voortdurend gesteld wordt is of de veranderde basis van de verslaglegging wel een beter beeld van de realiteit oplevert.



IFRS-normen
IFRS, International Financial Reporting Standards, is een set van afspraken over hoe het jaarverslag van een verslagplichtige organisatie er uit dient te zien. Voor allerlei categorieën van zaken is vastgelegd hoe / wanneer ze in een jaarverslag opgenomen dienen te worden. Het beheer van de standaarden is in handen van de International Accounting Standards Board (IASB).
IFRS is samengesteld uit de IAS-normen (International Accounting Standards), uitgebreid met een aantal additionele eisen die in IFRS-normen vastgelegd zijn. IFRS 1 geeft aan hoe de verslaglegging ingevoerd dient te worden, hoe de overgang van GAAP naar IFRS plaats dient te vinden.
Overzicht van de IFRS- en IAS-normen
IFRS
IFRS 1 Eerste toepassing van International Financial Reporting Standards
(invoering en overgang, uitzonderingen op de eisen en verplichtingen)
IFRS 2 Op aandelen gebaseerde betalingen
(Het verantwoorden van aangegane verplichtingen als opties, commercieel en voor personeelsoptieplannen, aandelenplannen en dergelijke).
IFRS 3 Bedrijfscombinaties
(Hoe moet de verslaglegging er uit zien wanneer onderdelen van een bedrijf gecombineerd worden en dus eerdere verslageenheden opgaan in één verslageenheid).
IFRS 4 Verzekeringscontracten
(Hoe moeten verzekeringsbedrijven hun contracten / contractverplichtingen / reserveringen verantwoorden).
IFRS 5 Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrijfsactiviteiten
(Hoe moeten vaste activa die te koop staan gewaardeerd worden, wat moet van een verkoop in het jaarverslag verantwoord worden)
IAS
IAS 1 Presentatie van de jaarrekeningen
(Wat moet er minimaal in een jaarverslag / jaarrekening opgenomen worden)
IAS 2 Voorraden
(Waarderen van voorraden: kostprijs of marktwaarde).
IAS 7 Het Kasstroomoverzichten
(wat wordt met een kasstroomoverzicht verantwoord, hoe dient dat te gebeuren)
IAS 8 Nettowinst of -verlies over de periode, fundamentele fouten en wijzigingen in de grondslagen voor financiële verslaggeving
(Beleid: alleen datgene rapporteren wat niet gedekt wordt door IFRS/IAS. Wijzigingen in schattingen: hoe af te handelen, hoe te verantwoorden. Fouten: wanneer moeten eerdere jaarrekeningen aangepast worden, wanneer niet).
IAS 10 Gebeurtenissen na balansdatum
(Wanneer moet een gebeurtenis die achteraf de balans of de resultatenrekening beïnvloedt meegenomen worden in het jaarverslag, wanneer niet / telt hij in het volgend jaar).
IAS 11 Onderhanden projecten in opdracht van derden
(Hoe worden bouwcontracten, aannemingscontracten in het jaarverslag verantwoord).
IAS 12 Winstbelastingen
(Hoe de belasting te boeken, welke waarden moeten verantwoord worden).
IAS 14 Gesegmenteerde informatie
(Wanneer moet er een verslag naar productgroep of naar geografische eenheid opgemaakt worden, wat moet hoe toegerekend worden).
IAS 16 Materiële vaste activa
(Wat moet verantwoord worden, welke methode van verantwoorden dient gehanteerd te worden).
IAS 17 Lease-overeenkomsten
(Hoe worden lease-contracten verantwoord, door de lease-verlener / lessor en door de lease-ontvanger / lessee)
IAS 18 Opbrengsten
(Hoe worden de inkomsten van het verkopen van goederen / verlenen van diensten e.d. geboekt).
IAS 19 Personeelsbeloningen
(Voor verschillende soorten van voordelen moeten verschillende verantwoordingswijzen gehanteerd worden, b.v. kortlopende verplichtingen als b.v. de reiskostenvergoedingen gelijk boeken, langlopende verplichtingen als b.v. het sparen voor een sabatical naar present value boeken).
IAS 20 Administrieve verwerking van overheidssubsidies en informatieverschaffing over overheidssteun
(wanneer moet dit in het jaarverslag opgenomen worden, hoe moet de waarde van de bijdrage / steun berekend en verantwoord worden).
IAS 21 De gevolgen van wisselkoerswijzigingen
(hoe moeten zaken rond vreemde valuta verantwoord worden, hoe in de balans, wat voor extra zaken moet daaromheen nog verantwoord worden).
IAS 23 Financieringskosten
(hoe de financieringskosten te verwerken, in één keer bij het afsluiten of geamortiseerd over de looptijd).
IAS 24 Informatieverschaffing over verbonden partijen
(vastgesteld wordt wat onder “verbonden partij” verstaan wordt en wanneer / wat in het (tussentijdse) verslag opgenomen moet worden)
IAS 26 Administratieve verwerking en verslaggeving door werknemerspensioenfondsen
(Hoe moeten pensioenvoorzieningen verantwoord worden, wanneer die door het bedrijf zelf beheerd worden).
IAS 27 Geconsolideerde jaarrekeningen en administratieve verwerking van investeringen in dochterondernemingen
(Regels voor het geconsolideerd dan wel gescheiden uitbrengen van verslagen van bedrijven: hoe en wanneer)
IAS 28 Administratieve verwerking van investeringen in geassocieerde deelnemingen
(Regels voor wanneer een bedrijf meer dan 20% van de aandelen van een ander bedrijf bezit)
IAS 29 Financiële verslaggeving in economieën met hyperinflatie
(hoe moet een financieel jaarverslag er uit zien in een land dat te kampen heeft met hyperinflatie, dat is inflatie hoger dan 100% over 3 jaar)
IAS 30 Informatieverschaffing in de jaarrekening van banken en soortgelijke financiële instellingen
(wat moet een bank in zijn jaarverslag opnemen naast de standaard jaarrekening).
IAS 31 Financiële verslaggeving van belangen in joint ventures
(verslaglegging over belangen in een joint venture, opname in de geconsolideerde jaarrekening naar rato).
IAS 32 Financiële instrumenten: informatieverschaffing en presentatie
(complementair aan IAS 39: wat zijn de financiële instrumenten, hoe verschijnen ze in de jaarrekening)
IAS 33 Winst per aandeel - earnings per share
(hoe wordt de winst per aandeel uitgerekend, wat moet meegenomen worden, welke aandelen tellen, wat is verwaterde winst per aandeel)
IAS 34 Tussentijdse financiële verslaggeving
(naast jaarlijks ook b.v. kwartaalverslagen, met de gegevens van de periode vanaf het laatste jaarverslag tot de verslagdatum).
IAS 36 Bijzondere waardevermindering van Activa
(Activa moeten eventueel jaarlijks gewaardeerd worden, waarderingsregels per type activa)
IAS 37 Voorzieningen, voorwaardelijke verplichtingen en voorwaardelijke activa (Regels voor het boeken van voorzieningen, dat zijn reserveringen voor geschatte, niet exact bepaalbare kosten. De regel voor voorwaardelijke aansprakelijkheden en voorwaardelijke activa is dat ze niet geboekt worden, maar wel verantwoord.)
IAS 38 Immateriële activa
(hoe de niet-tastbare activa te waarderen)
IAS 39 Financiële Instrumenten: opname en waardering
(aangegeven wordt over welke instrumenten het gaat. Waardering van een instrument is initieel op basis van fair value (marktwaarde), voor vervolg-waarderingen wordt een onderscheid gemaakt naar twee typen van waardering: geamortiseerde kosten en fair value. Waardering tegen geamortiseerde kosten kan slechts voor een beperkt aantal instrumenten. Voor waardering tegen fair value wordt vervolgens aangegeven wat de spelregels m.b.t. hedge accounting zijn.)
IAS 40 Vastgoedbeleggingen
(Hoe moeten vastgoedbeleggingen op de balans verschijnen, tegen kostprijs of tegen reële waarde)
IAS 41 Landbouw
(Hoe de activiteiten van het boerenbedrijf en de producten waarderen tot het moment van oogsten, hoe daarover verslagleggen).

Vind je vaste baan

Al 28 jaar is WR het Werving en Selectie bureau voor vaste banen.