Beperking van de bijtelling

De fiscale bijtelling voor de werknemer kan worden beperkt door:

  1. Minder dan 800 privé-kilometers per jaar
  2. Eigen bijdrage van de werknemer aan de werkgever
  3. Het voor een gedeelte van het jaar ter beschikking hebben van de auto van de zaak
  4. Gebruik van de auto van de werkgever door meerdere werknemers

Ad 1.
Indien minder dan 800 privé-kilometers per jaar worden afgelegd vindt er geen bijtelling plaats. Een sluitende kilometeradministratie in combinatie met een agenda dient door de berijder te kunnen worden overlegd.

Ad 2.
Een vergoeding van de werknemer aan de werkgever voor het privé-gebruik van de auto van de zaak kan rechtstreeks in mindering worden gebracht op de bijtelling tot ten hoogste het bedrag van de bijtelling. De eigen bijdrage dient dan wel daadwerkelijk door de werknemer aan de werkgever betaald te worden. Indien de bijdrage via de salarisadministratie wordt verrekend moet deze wel van het nettoloon worden ingehouden. (uitspraak Hof Den Haag, 26 april 1996.) Heeft de eigen bijdrage van de werknemer specifiek betrekking op het woon-/werkverkeer, dan is deze bijdrage NIET aftrekbaar van de fiscale bijtelling. Alleen als de eigen bijdrage voor het woon-/werkverkeer ten minste 70% bedraagt van het voor deze afstand van toepassing zijnde reiskostenforfait, mag een aftrek ter grootte van het reiskostenforfait worden verrekend. Als door de werknemer een bijdrage wordt betaald omdat de werknemer een duurdere auto ter beschikking heeft (of extra accessoires zijn aangeschaft), dient de eigen bijdrage te worden toegerekend aan:

  • zakelijk gebruik
  • woon-/werkverkeer
  • privé-gebruik
  • Het deel dat betrekking heeft op woon-/werkverkeer kan leiden tot de toepassing van het reiskostenforfait. Alleen het deel dat betrekking heeft op het privé-gebruik kan worden afgetrokken van de bijtelling.

Indien de werknemer een deel meebetaalt van de aanschafprijs (bijdrage ineens) moet deze bijdrage verdeeld worden over de vermoedelijke gebruiksduur van de auto.

Ad 3.
De bijtelling moet tijdsevenredig worden toegepast. Indien de werknemer de auto als gevolg van ziekte of vakantie niet ter beschikking heeft, hoeft over deze periode geen bijtelling plaats te vinden. De werkgever en werknemer dienen gezamenlijk schriftelijk vast te leggen over welke periode dat betrekking heeft. De auto en autosleutels moeten daadwerkelijk ingeleverd zijn bij de werkgever.

Ad 4.
Wanneer een auto van de zaak aan meerdere werknemers privé ter beschikking wordt gesteld, zal de fiscus een bijtelling opleggen aan diegene die als berijder is geregistreerd. Om de bijtelling naar rato te verdelen moet een nauwkeurige kilometerregistratie worden gevoerd.

Vind je vaste baan

Al 28 jaar is WR het Werving en Selectie bureau voor vaste banen.